Ouders. Je zal ze maar hebben!

Deze week belde mijn zus me op. We zien elkaar niet vaak, maar onze telefoongesprekken zijn lang en eindigen altijd met buikpijn. Van de lachbuien. Maar dit keer liet ze me toch even stilvallen: “Mama denkt aan euthanasie.” Die zag ik nu net niét aankomen.

Er is geen terugkomen van euthanasie. Het is daarmee de ultieme verlossing  van een geestelijke ziekte.

Welcome to my world! Al sinds ik me kan herinneren, is mijn moeder ziek. Ze lag altijd op bed, liet het huishouden door gezinsverzorgsters doen – of door mijn zus en mij – en kwam alleen tot leven als ze op vakantie was. Want in die paar weken was, wat dan ook dat jaar de oorzaak van haar bedlegerigheid was, op wonderbaarlijke wijze verdwenen. Ze heeft gedurende onze jeugd de hele medische encyclopedie van A tot Z doorlopen. En let wel: dit is van vóór het Google tijdperk. Ik durf er niet aan te denken wat ze nog meer gehad zou hebben, als ze zich dat medium ook eigen gemaakt had. Het is voor mij onbegrijpelijk dat ze nooit het Guiness book of Records heeft gehaald met haar aantal wonderbaarlijke genezingen. Euthanasie is in dat rijtje de ultieme finale. Er is geen terugkomen van euthanasie.

Het Münchhausen-syndroom is een psychische aandoening waarbij iemand zich herhaaldelijk bij medische hulpverleners meldt met gefingeerde klachten of zelf toegebrachte verwondingen, om daardoor zorg en aandacht te krijgen.

Maar wellicht wil ze ook helemaal niet meer terugkomen. Mijn ouders zijn twee individuen die apart wellicht best te hanteren waren, maar die elkaar versterkten in hun slechtste eigenschappen. Hij houdt haar ziek, zij houdt hem op een voetstuk. Maakt niet uit hoe vaak hij haar in elkaar slaat. Hij blijft haar held. Ergens begrijp ik dat wel. Hoe anders kan ze rechtvaardigen dat ze bij hem gebleven is en haar kinderen aan hem heeft blootgesteld? Anders had ze zich als een moeder moeten gedragen, haar verantwoordelijkheid moeten nemen en weg moeten gaan. Het is soms makkelijker om je achter een masker te verstoppen. Weg te kwijnen in denkbeeldige ziektes. Het scheelt natuurlijk als je daarmee aandacht creëert.

De gevolgen van partnergeweld zijn omvangrijk. Veel voorkomende klachten zijn depressies, angstklachten, posttraumatische stressklachten en middelenmisbruik. Daarnaast wordt vaak persoonlijkheidsproblematiek gemeld. Bron: Ministerie van Welzijn, Gezondheid en Sport. 

En zo zal het ook ooit begonnen zijn voor mijn moeder, een manier om aandacht te krijgen. Medelijden is een negatieve vorm van aandacht. Maar het ís aandacht. Ik begrijp heel goed dat de ziektes voor mijn moeder daarnaast een beschermende muur opwierpen. Het maakte haar tijdelijk onaantastbaar. Waarschijnlijk zijn de ziektes van mijn moeder ooit begonnen als een manier om aandacht te krijgen, maar ze ontwikkelden zich door de jaren als een middel om zichzelf te beschermen tegen mijn vader. Het werkte. Dus belandde ze een aantal jaren geleden in een rolstoel. Nooit, maar ook echt nooit, hebben mijn zus of ik een duidelijk antwoord gehad over wat onze moeder mankeerde. Er werd altijd omheen gedraaid. Door mijn vader én mijn moeder. En altijd was er op wonderbaarlijke wijze sprake van genezing.

munchausen syndromeEr bestaat zoiets als het Syndroom van Munchhausen. Er zijn geen officiele meetinstrumenten om de geestelijke ziekte vast te stellen. En voor genezing is een hele lange weg nodig, waarbij de eerste stap is dat de patient toegeeft dat er een probleem is. Maar je praat hier over een vrouw die niet eens kon toegeven dat haar man haar sloeg! Wij moesten als kind vooral onze mond houden over “het probleem”, want anders zou dat mijn vader te veel pijn doen. Hoe verknipt bent je dan als moeder? Er is op diverse momenten in onze jeugd hulp van buitenaf aangeboden, maar iedere keer weer bleek hoe goed mijn moeder was in het ontkennen van het probleem. Ze was een expert in manipuleren en liegen. Je kunt iemand niet helpen die niet geholpen wil worden. Iemand die het probleem ontkent.

It is a miracle! She can walk!Jarenlang hield mijn moeder vol dat ze verlamd was, terwijl wij vermoedden dat ze dit simuleerde. En dat is verdomd moeilijk te bewijzen. De familie had natuurlijk wel vermoedens. Maar wie is er nou eigenlijk zo gek om te doen alsof je verlamd bent? Er waren momenten dat we haar betrapten op een beweging die ze écht niet had kunnen maken als ze daadwerkelijk verlamd was geweest. Dan nog is het heel moeilijk om hardop te zeggen: “Je stelt je aan!”. Want je kunt je eigenlijk gewoonweg niet voorstellen dat iemand dit verzint. De realiteit is natuurlijk wel dat als jij jarenlang in een rolstoel zit en niks, maar dan ook niks doet om je gestel sterker te maken, dat je dan vanzelf nog zwakker wordt. Niks doen vereist namelijk geen enkele inspanning. En als je je geest nooit traint, nooit uitdaagt, duurt het niet lang of je geest gaat dezelfde weg. Toen onze moeder geheugenverlies begon te vertonen, was het eerste dat mijn zus zei: “Let op mijn woorden, als ze nog gekker wordt, vergeet ze dat ze niet meer kan lopen!”.

Wat is het toppunt van Alzheimer? Als je vergeet dat je iedereen al jaren vertelt dat je niet kan lopen.

Het lijkt een misselijke grap voor iemand die niet in onze wereld is opgegroeid, maar deze opmerking maakte me zo hard aan het lachen. Want het schetst exact de bizarre situatie die voor ons werkelijkheid is. En hallelujah….het wonder is inmiddels geschied: mijn moeder heeft weer gelopen. Maar haar geest heeft er inmiddels dusdanig de brui aan gegeven dat dit niet meer uitmaakt. Ze is nog slechts een leeg omhulsel. Zonder diagnose. Want mijn vader heeft nog steeds geen uitspraak gedaan over wat er nu écht mankeert aan mijn moeder. Eerst was het Alzheimer. Toen was het dementie. En nu is het weer een of andere zeldzame hersenziekte die moeilijk vast te stellen is. Hij weigert nog steeds te erkennen dat ze een carriere gemaakt heeft van haar ziektes. Ze weet hoe ze hem moet bespelen en blijkbaar ook hoe ze dokters en testen moet manipuleren. Maar het heeft haar vreselijk veel gekost. Het kostte haar haar familie, haar gezin, haar kinderen en ook haar kleinkinderen. Het kostte haar alles wat haar leven ook maar enigszins leuker had kunnen maken.

Het klinkt hard, maar nu mijn vader vraagt om hulp met mijn moeder blijkt dat ik het niet in me heb. Ik voel niks meer voor deze mensen. Geen liefde, geen woede, geen band. Zelfs medelijden blijk ik niet meer op te kunnen brengen. Mijn vader en moeder kunnen geen enkele emotie meer oproepen. En ik voel me daar schuldig over. Want het zijn toch mijn vader en moeder. Het is heel dubbel. Ik weet dat ik iets zou moeten voelen. Al is het verdriet om wat er niet geweest is. Maar er zit niks. En nu voel ik me schuldig omdat ik niets voel. Want de buitenwereld schrijft ons voor: het zijn toch je ouders. Maar deze ouders hebben voor ons niks gedaan. Ze hebben mij en mijn zus op deze wereld gezet. En ons vervolgens laten weten dat we niet gewenst waren. En nu plots zijn we nodig? Omdat het zo hoort? Ik merk dat het mij rust geeft als ik ze niet hoef te zien. Geen enkele interactie met ze heb. Ik vind het bijzonder sneu voor mijn kinderen: zij hebben nooit geweten hoe geweldig het is om een oma en opa te hebben. Als ik me al verdrietig voel is het vanwege mijn kinderen. Maar ik wist dat ik een bijzonder belangrijke taak had als moeder: mijn kinderen beschermen tegen elke vorm van huiselijk geweld. Ook tegen die van opa en oma. Dus als mijn vader beslist dat euthanasie de beste weg is voor mijn moeder – ik heb het vermoeden dat ze zelf op geen enkele wijze hierover nog kan oordelen-, dan zal hij die weg alleen moeten gaan. Want op mijn steun hoeft hij niet te rekenen.

TL;DR:  Euthanasie is de ultieme ontsnappingsroute uit een gewelddadig huwelijk.

3 thoughts on “Ouders. Je zal ze maar hebben!

  1. O jeetje, wat een heftig verhaal zeg. Wat een lastige jeugd zal je vaak (meestal) gehad hebben. Kan me voorstellen dat je hier lang over hebt getwijfeld om dit te schrijven, maar het zal vast opluchten… ergens. Fijn dat je er afstand van kunt doen, maar heel triest dat je geen gevoel meer hebt erbij, dat zegt wel hoe heftig het is/was.

    • `Het was. Toen. Maar nu niet meer hoor. Ik merk dat ik het los heb kunnen laten gelukkig. 🙂 Betekent niet dat dit een makkelijk stukje was om te schrijven. Ik heb heel lang getwijfeld of ik het wel moest publiceren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *